Australië 2006
10 juli - 17 augustus
Wie   |   Wat   |   Reisverslagen   |   Voorbereidingen   |   Gastenboek   |   Australië 2003   |   Home

4wd Kimberley tour
06-08-2006


Hoe dichtbij kun je komen?
Vandaag gereisd 340 km
Totaal gereisd 24280 km
Temperatuur 32
Weer stralend

In Europa zou het een absolute topattractie zijn
Martijn: We zijn in de Kimberleys, maar we kunnen er niet echt in. Want we hebben een auto gehuurd die niet van de verharde weg af mag. Ja, voor een stukje, dat vindt de verhuurder wel goed. Maar als het te veel kilometers zijn, dan niet meer. Dan is het zaakje onverzekerd. En trouwens: het kan ook gewoon helemaal niet. Want zodra je een zijweg inslaat, is het meteen het ruige werk. Dus voor de absolute hoogtepunten van de Kimberleys hebben we een tour geboekt. En daarom gaat vandaag de wekker om zes uur af. Precies het moment dat de zon opkomt, zie ik als ik de gordijntjes open schuif.

We nestelen ons in de 4x4 Toyota 12-seater met Justin aan het stuur. Er zijn vier andere Nederlanders op de tour, en een vriendelijke man uit Ierland. Justin blijkt al snel zijn huiswerk gedaan te hebben en voorziet ons voortdurend van informatie. En omdat we anderhalf uur aan het rijden zijn voor de Morning Tea-stop, is dat heel veel. Het is nog erger dan ik had gedacht. Duizenden jaren lang leefden hier de Aboriginals, en toen kwamen ineens de Engelsen die het land in bezit namen. De Aboriginals leefden van de natuur: de flora was bron van voeding en medicijn, en de jacht was minstens even belangrijk. Maar met de Engelsen kwamen er schapen in de Kimberleys, en dus dachten de Aboriginals die ook als prooi te kunnen zien, net als ze totale dierenwereld altijd als hun prooi konden beschouwen. Maar achter de schapen stonden politieagenten, en daarmee was het met de vrijheid van de oorspronkelijke Australische bevolking gedaan. Die schapen in de Kimberleys waren trouwens geen succes, maar de koloniale Engelse politie bleef jarenlang spoken zien: elke Aboriginal kon wel een schapendief zijn. Ik vroeg me steeds af: maar van wie was het land ook al weer?

We stoppen bij de ruïne van de Lillimura Police outpost, waar een gedenksteen staat voor een agent die veel Aboriginals de gevangenis in hielp. Hij had een jeugdvriend, de Aboriginal Jandamarra. Op een goede dag schiet Jandamarra zijn oude jeugdvriend, de agent, dood. Daarmee probeerde Jandamarra het leed dat zijn landgenoten werd aangedaan, te wreken. Jandamarra verstopte zich in Tunnel Creek, waarvandaan hij drie jaar lang een soort vrijheidsstrijd ondernam. UIteindelijk kwam hij toch om het leven omdat zijn schuilplaats niet geheim genoeg was. Op de gedenksteen staat niets over dit verhaal. We lezen alleen dat de steen is neergezet ter nagedachtenis aan William Richardson, constable, who was killed in the line of duty on October 31, 1894. Onwillekeurig komt er een liedje bij me op. De overwegwachter, hij is niet meer. Open dicht, open dicht, zo deed hij daar jaren zijn plicht.

We horen nog meer verhalen, over het weghalen van halfbloed-kinderen bij hun ouders om zo uiteindelijk een blank nageslacht te kunnen bereiken. En natuurlijk veel over het drugsprobleem: Aboriginals, generaties lang gediscrimineerd en uitgekakt, gingen massaal aan de drank, de lijm en de benzine. En nu trekt de overheid inmiddels veel registers open om daar toch wat aan te doen. Zo is in sommige delen van Australië de benzine zo behandeld dat er geen drogerende vluchtige stoffen meer inzitten. Kost wat, maar snuiven wordt zinloos. Het zal nog wel enige generaties duren voordat de schade die dit volk heeft opgelopen weer wat is hersteld.

We zien vandaag overweldigende natuur, soms zelfs zo mooi dat het paradijs er bleekjes bij af moet steken. En als je dat in gedachten de tijd een paar honderd jaar terugdraait, dan zie je daar achter iedere rots wel een Aboriginal tevoorschijn komen, levend in volstekte harmonie met die natuur. Maar laat ik niet de wee worden: de ruigheid is indrukwekkend. Zowel van Windjana Gorge, waar we pal langs tientallen krokodillen lopen ("don't go too close, just use your commen sense" zegt Justin), en later van Tunnel Creek, waar de rivier ruim zeshonderd meter dwars door het gesteente een tunnel heeft gevormd. En wij mogen er ook doorheen, met zaklantaarns. Hier en daar komen de boomwortels dwars door het plafond, maar het mooiste zijn de druipsteenformaties. Dit was de plaats waar Jandamarra zich had verscholen. Nu wonen er alleen nog tientallen enorme flying foxes, grote vleermuizen. In Europa zou het een topattractie zijn - hier herbergt de parkeerplaats hooguit tien 4x4-voertuigen. Maar ja: je moet je ook wel eerst dik honderd kilometer door elkaar laten schudden op een onverharde wasbordweg.

Als we terugrijden telt Justin hardop de zegeningen de ons vandaar zijn overkomen: twee dingo's, achttien kangeroes, nog wat onduidelijk gevogelte, "and a snake, a black one!" Maar die had niemand gezien, dus dat moeten we op zijn woord geloven. Net als we al zijn informatie van vandaag graag hebben aangenomen. Als volgezogen sponzen komen we doodmoe terug op de camping. Morgen weer om zes uur op? Luid protest. We blijven morgen gewoon de hele dag hier, en rijden overmorgen een dubbele portie kilometers.


Windjana Gorge


4x4 Toyota 12-seater


Ingang van Tunnel Creek


Door Tunnel Creek

Overzicht verslagen

Disclaimer